Inhoud


Inleiding Financiën

Ontwerp

Het ontwerpen van een waterinstallatie is een taak van de installatie-adviseur. Op de bestektekeningen van de architect staat aangegeven waar de warm- en koudwatertappunten dienen te komen, de plaats van de watermeter en het warmwatertoestel. Daarnaast moet in het ontwerpstadium worden onderzocht of de waterdruk, zoals die wordt aangeboden door het nutsbedrijf, voldoende is voor het project. Indien blijkt dat deze onvoldoende is, moet een drukverhogingsinstallatie worden toegepast. Daarvoor moet een ruimte worden gecreëerd. Verder moet in deze fase gekeken worden naar de hardheid van het water. De uitkomst van dit onderzoek kan aanleiding zijn voor het plaatsen van een wateronthardingssysteem. De adviseur moet het ontwerp uitwerken in tekeningen, waar alle technische zaken vermeld moeten worden.

1. Drukverhogingsinstallatie (hydrofoor)
Van belang is dat de ruimte die hiervoor gereserveerd wordt vorstvrij is. Voor het plegen van onderhoud is van belang dat het water op een veilige wijze kan worden afgevoerd, bijvoorbeeld door een vloerputje. De overige installatiebenodigdheden dienen door de adviseur te worden aangegeven, zoals een stroomaansluiting en een ventilatievoorziening.

2. Wateronthardingsysteem
Er zijn verschillende mogelijkheden en locaties te bedenken om water te ontharden. Men kan kiezen voor een centraal systeem, bijvoorbeeld na de watermeter. Er kan ook worden gedacht aan een separate opstelling specifiek voor die apparaten die zacht water nodig hebben, bijvoorbeeld koffieapparaten of vaatwassers van een centrale keuken. De adviseur moet deze afweging maken. De hardheid van het water wordt weergegeven in Duitse Hardheid. (dH) Dit is een graadmeter voor de hoeveelheid kalk die er in het water zit.

3. Warm tapwater
Het moet in de ontwerpfase definitief vaststaan waar de warmwatertappunten moeten komen. Soms is een opdrachtgever bij de oplevering van zijn project onaangenaam verrast als bij de wastafels in de voorruimten van de toiletten geen warm water beschikbaar is. Ook de manier waarop het water wordt verwarmd moet worden aangegeven. Men kan kiezen voor een centrale warmwaterbereiding met een geheel eigen leidingnet, of voor plaatselijke verwarming door middel van boilers.

4. Legionella
Vanwege problemen met de legionellabacterie hanteren de waterleidingmaatschappijen strenge eisen. De adviseur moet hiermee bij het ontwerpen rekening houden, onder andere wanneer een brandslanghaspel wordt aangesloten op het drinkwatersysteem. De brandslang zal zelden worden gebruikt en bevat in dat geval stilstaand water. Bij warmwaterleidingen, gevoed door een centrale boiler, kan worden gedacht aan een circulatieleidingnet (ringleiding) met een eigen pomp en keerkleppen. Dit heeft bovendien als voordeel dat warmwater direct beschikbaar is. Zwembaden hebben er belang bij dat temperaturen automatisch kunnen worden afgelezen via een gebouwbeheersysteem. Daarom moeten temperatuurvoelers worden opgenomen vlakbij de tappunten.

5. Buitenkranen
Niet alleen voor het onderhoud van de groenvoorzieningen is het soms wenselijk dat buiten¬kranen worden aangebracht. Ook voor gemeenschappelijk onderhoud (glazenwassen, trappenhuizen) is het verstandig hierover na te denken. In verband met vorstgevaar en het gevaar voor legionellabesmetting is het aan te bevelen om de leidingen naar deze buitenkranen standaard zonder waterdruk te laten.



Inleiding Financiën