Inhoud


Regelgeving Planning

Organisatie

In dit kader kan worden gesteld dat de volgorde van het voegen een van de belangrijkste zaken is om vooraf door te spreken. Zeker bij handmatige mengsels kan de samenstelling per dag anders zijn, vooral als verschillende mensen zich hiermee bezig houden.

1. Voorbereidingen
Al tijdens de voorbereidingen van het metselwerk dient het voegwerk aan de orde te komen. In dit stadium dient een morteladvies te worden opgesteld, zowel voor de stenen als voor de voegen. In principe is hiermee de juiste afstemming bereikt tussen de stenen en de mortel. Tevens is het van belang dat er een keuze is gemaakt wat voor soort voeg er moet worden toegepast.

2. Proefmuur
Zowel bij het metselwerk als bij het voegen is het wenselijk om een proefmuur van voldoende afmeting te realiseren. Voor wat betreft het voegen kunnen hier een aantal monsters worden opgezet. De samenstelling van de goedgekeurde voeg dient schriftelijk te worden vastgelegd, bijvoorbeeld in de afwerkstaten. Bij het handmatig mengen dienen afspraken te worden gemaakt over het voegzand. Het voegzand kan als één partij worden aangevoerd en in depot worden opgeslagen. De proefmuren het hele werk laten staan, zodat er op meerdere momenten naar teruggegrepen kan worden. Het opnemen van verschillende details van het metselwerk in de proefmuur legt gelijk de verschillende moeilijkheden van het voegwerk bloot.

3. Planning
Bij het opstellen van de planning dient rekening te worden gehouden met de volgende zaken:

4. Kwaliteit
Zodra een hogere kwaliteit wordt geëist dan V35, dan is het voegwerk niet meer handmatig te realiseren. Er dient dan mechanisch te worden gevoegd. Soms wordt op dat moment overwogen om te metselen met een speciale mortel in de kleur van de uiteindelijke voeg, en de voeg na het metselen direct door te strijken, het zogenaamde pointmastersysteem. Hiermee kan men uitstekende resultaten behalen, maar dit vraagt extra maatregelen tijdens het metselen, wat niet tot dit controleplan behoort.

5. Volgorde
De volgorde van het voegen is uitermate belangrijk. Uitgangspunt is het voegen van boven naar beneden en dat per gevelvlak en per dagproductie. Hiermee kan worden voorkomen dat in een gevelvlak kleurverschil ontstaat door andere samenstelling van het voegmengsel of door andere weersomstandigheden. Dit kan verstrekkende gevolgen hebben voor de planning en zelfs van invloed zijn op de keuze van de steigers. Het is daarom van belang dat dit onderdeel in een zo vroeg mogelijk stadium wordt besproken met de aannemer. Het vooraf reinigen van de gevel, het treffen van beschermende maatregelen (bijvoorbeeld glas) en de nabehandeling dienen goed te worden doorgesproken. Het beschermen van het pas gevoegde metselwerk is net zo belangrijk.

6. Glazen bouwstenen
Indien deze in de gevel zijn toegepast, dan is een bouwfysische beoordeling van de detaillering wenselijk. Er moet worden onderzocht of zich condensvorming kan voordoen en of in dat geval speciale eisen aan de voegen moeten worden gesteld, bijvoorbeeld een thermische ontkoppeling. Daarnaast moet worden beoordeeld of een wand moet worden gehydrofobeerd, zie ook Controleplan 22.35.



Regelgeving Planning